Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2020:142

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
31-01-2020
Datum publicatie
31-01-2020
Zaaknummer
18/04359
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2019:1036, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2018:3125, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad. Opzegging door ziekenhuis van overeenkomst met vrijgevestigd chirurg. Onrechtmatig?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2020/180
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 18/04359

Datum 31 januari 2020

ARREST

In de zaak van

1. VERENIGING MEDISCHE STAF [eiseres 1],
gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [eiseres 2],
gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERESSEN tot cassatie,

hierna gezamenlijk: [eiseressen],

advocaat: M.W. Scheltema,

tegen

[verweerder],
wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

hierna: [verweerder],

advocaat: R.L.M.M. Tan.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

  1. de vonnissen in de zaak C/02/278282/HA ZA 14-182 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 4 juni 2014, 20 augustus 2014, 10 december 2014 en 27 januari 2016;

  2. de arresten in de zaak 200.193.433/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 december 2017 en 17 juli 2018.

[eiseressen] hebben tegen het arrest van het hof van 17 juli 2018 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerder] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [eiseressen] mede door S.J.M. Bouwman.

De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiseressen] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt [eiseressen] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 2.049,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiseressen] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, M.J. Kroeze en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 31 januari 2020.