Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2020:1370

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
15-09-2020
Datum publicatie
15-09-2020
Zaaknummer
19/03130
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2020:801
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Beschikking
Inhoudsindicatie

Beklag, beslag ex art. 94 Sv op auto van klager onder zijn zus t.z.v. verdenking van rijden zonder rijbewijs, waarna auto in strafzaak tegen zus bij onherroepelijk vonnis verbeurd is verklaard. Bevoegdheid Rb. Is Rb bevoegd tot behandeling klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv, nu tegen vonnis waarbij inbeslaggenomen auto verbeurd is verklaard geen h.b. is ingesteld? HR ambtshalve: Redelijke wetstoepassing brengt mee dat, als gerecht dat bevoegd is tot afdoening van klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv constateert dat sinds indiening daarvan desbetreffende voorwerpen bij inmiddels uitvoerbare beslissing zijn verbeurdverklaard of onttrokken aan het verkeer, dit klaagschrift moet worden opgevat als klaagschrift a.b.i. art. 552b Sv. Indien dat gerecht, gelet op art. 552b.2 Sv, niet bevoegd is tot behandeling van zo opgevat klaagschrift dient het te bepalen dat griffier stukken zal zenden naar het tot die behandeling wel bevoegde gerecht (vgl. ECLI:NL:HR:1993:ZC9284). Vonnis met daarin verbeurdverklaring van personenauto is pas in cassatiefase van beklagzaak onherroepelijk geworden. Ook voor die situatie heeft te gelden dat klaagschrift moet worden opgevat als klaagschrift a.b.i. art. 552b Sv. HR zal met vernietiging van beschikking Rb zaak voor verdere afdoening en behandeling verwijzen naar het ex art. 552b.2 Sv bevoegde gerecht. HR vernietigt beschikking Rb en bepaalt dat stukken ter verdere behandeling en afdoening zullen worden gezonden naar Rb.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
SR-Updates.nl 2020-0292
NJB 2020/2242
RvdW 2020/1010
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 19/03130 B

Datum 15 september 2020

BESCHIKKING

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 26 juni 2019, nummer RK 19-004673, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend

door

[klager],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,

hierna: de klager.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft H. Bakker, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot bepaling dat de stukken ter verdere behandeling en afdoening zullen worden gezonden naar de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen.

2 Ambtshalve beoordeling van de beschikking van de rechtbank

2.1

Bij een op 13 mei 2019 ter griffie van de rechtbank Noord-Nederland ingediend klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) is namens de klager om teruggave verzocht van een op 11 april 2019 onder klagers zus [betrokkene 1] inbeslaggenomen personenauto. Daartoe is namens de klager onder meer gesteld dat die personenauto hem toebehoort. De rechtbank heeft het klaagschrift bij beschikking van 26 juni 2019 ongegrond verklaard.

2.2

Uit door de advocaat-generaal ingewonnen inlichtingen bij de rechtbank Noord-Nederland, zoals vermeld in diens conclusie onder 4, blijkt dat de personenauto waarvan klager teruggave verzoekt bij vonnis van 17 januari 2020 in de strafzaak tegen [betrokkene 1] is verbeurdverklaard. Tegen dit vonnis is geen hoger beroep ingesteld, zodat dit onherroepelijk is.

2.3

Het volgende moet worden vooropgesteld. Redelijke wetstoepassing brengt mee dat, als het gerecht dat bevoegd is tot afdoening van een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a Sv constateert dat sinds de indiening daarvan de desbetreffende voorwerpen bij inmiddels uitvoerbare beslissing zijn verbeurdverklaard of onttrokken aan het verkeer, dit klaagschrift moet worden opgevat als een klaagschrift als bedoeld in artikel 552b Sv. Indien dat gerecht, gelet op het tweede lid van dat artikel, niet bevoegd is tot behandeling van het zo opgevatte klaagschrift dient het te bepalen dat de griffier de stukken zal zenden naar het tot die behandeling wel bevoegde gerecht (vgl. HR 23 november 1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC9284).

2.4

In dit geval is het vonnis met daarin de verbeurdverklaring van de genoemde personenauto pas in de cassatiefase van de beklagzaak onherroepelijk geworden. Ook voor die situatie heeft te gelden dat het klaagschrift moet worden opgevat als een klaagschrift als bedoeld in artikel 552b Sv. De Hoge Raad zal met vernietiging van de beschikking van de rechtbank de zaak voor verdere afdoening en behandeling verwijzen naar het ingevolge het tweede lid van artikel 552b Sv bevoegde gerecht.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de beschikking van de rechtbank;

- bepaalt dat de stukken ter verdere behandeling en afdoening zullen worden gezonden naar de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 september 2020.