Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2020:1366

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12-05-2020
Datum publicatie
01-09-2020
Zaaknummer
19/01381
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2020:771
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

N-o verklaring in h.b. ex art. 416.2 Sv. Geen afschrift appeldagvaarding verzonden naar raadsman, art. 48 Sv. HR: Op redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Stukken bevatten niets waaruit kan volgen dat voor behandeling van zaak in h.b. afschrift van dagvaarding in h.b. aan voor verdachte optredende raadsman is verzonden. Stelbrief van advocaat (faxbericht) en verzendcontrolerapport waaruit succesvolle verzending daarvan naar strafgriffie hof kan worden afgeleid, zijn aan cassatieschriftuur gehecht. In aanmerking genomen dat ontvangstbevestiging strafgriffie hof van voornoemd faxbericht zich niet bij stukken bevindt, leidt een en ander tot ernstig vermoeden dat hof niet op de hoogte was van stelbrief van raadsman. In cassatie moet er daarom van worden uitgegaan dat voorschrift van art. 48 Sv (voorheen: art. 51 (oud) Sv) niet is nageleefd. Niet-nakoming ervan moet worden geacht aan geldige behandeling van zaak ttz. buiten tegenwoordigheid van verdachte en diens raadsman in de weg te staan. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 19/01381

Datum 12 mei 2020

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 13 september 2017, nummer 22/000667-17, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.M. Lintz, advocaat te ’s-Gravenhage, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en terugwijzing naar het gerechtshof Den Haag, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1

Het cassatiemiddel bevat de klacht dat artikel 48 Sv in hoger beroep niet is nageleefd aangezien is verzuimd een afschrift van de appeldagvaarding aan de raadsman van de verdachte toe te zenden.

2.2

Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de uitspraak van het hof;

- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Den Haag, opdat de zaak opnieuw wordt berecht

en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 mei 2020.