Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2019:980

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18-06-2019
Datum publicatie
19-06-2019
Zaaknummer
17/05229
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2019:662
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Witwassen, art. 420bis Sr. Bewijsklacht m.b.t. herkomst geldbedrag uit enig misdrijf. HR: art. 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2019/772
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

18 juni 2019

Strafkamer

nr. S 17/05229

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 27 oktober 2017, nummer 21/000195-17, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.W.E. Luiten, advocaat te Maastricht, een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 juni 2019.