Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2019:648

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19-04-2019
Datum publicatie
19-04-2019
Zaaknummer
18/01538
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2019:192, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2018:101, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Was aanspannen procedure door rechter tegen journalist onrechtmatig? Samenhang met ECLI:NL:HR:2018:2160 en ECLI:NL:HR:2018:2047.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2019/531
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

19 april 2019

Eerste Kamer

18/01538

TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te Den Haag,

EISER tot cassatie,

advocaten: mr. J.P. Heering en mr. R.P.J.L. Tjittes,

t e g e n

[verweerder],
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/13/531910/HA ZA 12-1488 van de rechtbank Amsterdam van 24 juli 2013, 7 augustus 2013 en 19 februari 2014;

b. het arrest in de zaak 200.151.409/01 van het gerechtshof Den Haag van 16 juni 2015;

b. de arresten in de zaak 200.172.773/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 8 september 2015 en 16 januari 2018.

Het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van16 januari 2018 is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 16 januari 2018 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen [verweerder] is verstek verleend.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 19 april 2019.