Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2019:403

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
22-03-2019
Datum publicatie
22-03-2019
Zaaknummer
18/01447
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2019:112, Gedeeltelijk contrair
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2018:67, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Beroep op legitieme portie. Ontzenuwing van bewijsvermoeden dat schenking heeft plaatsgevonden. Eindarrest gewezen zonder partijen voldoende gelegenheid te geven te verzoeken om pleidooi of verdere proceshandeling?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2019/401
RFR 2019/80
JERF Actueel 2019/100
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

22 maart 2019

Eerste Kamer

18/01447

TT/AR

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser]
wonende te [woonplaats 1] ,

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. N.C. van Steijn,

t e g e n

1. [verweerder 1] ,
wonende te [woonplaats 2] ,

2. [verweerster 2] ,
wonende te [woonplaats 3] ,

VERWEERDERS in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en verweerders.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/13/590197/HA ZA 15-630 van de rechtbank Amsterdam van 2 maart 2016 en 9 november 2016;

b. het arrest in de zaak 200.208.277/01 van het gerechtshof Amsterdam van 9 januari 2018.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 9 januari 2018, alsmede tegen de beslissing van het hof ter zitting van12 oktober 2017 dat op 9 januari 2018 uitspraak zal worden gedaan, heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen verweerders is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van eiser in zijn klacht tegen de beslissing van het hof ter zitting van 12 oktober 2017 en voor het overige tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van verweerders begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, M.V. Polak, C.E. du Perron en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 22 maart 2019.