Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2019:1933

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10-12-2019
Datum publicatie
10-12-2019
Zaaknummer
18/05252
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2019:1297
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Handelen in strijd met art. 3.B Opiumwet, terwijl feit betrekking heeft op grote hoeveelheid, en diefstal (art. 310 Sr). Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b., omdat het te laat is ingesteld. Omstandigheid waaruit voortvloeit dat einduitspraak verdachte bekend is, art. 408.2 Sv. Kan uit akte van uitreiking waarnaar Hof verwijst worden afgeleid welk stuk c.q. welke stukken aan verdachte zijn uitgereikt, nu slechts parketnummer wordt vermeld? HR: Op gronden vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld. CAG: In het midden kan blijven op welk van op 2-8-2017 uitgesproken vonnissen akte van uitreiking d.d. 23-11-2017 betrekking heeft. Of die akte van uitreiking mededeling vonnis betreft, is immers niet gebleken. Dat Hof o.b.v. datum van uitreiking van die akte heeft aangenomen dat verdachte op 23-11-2017 bekend is geworden met vonnis en heeft geoordeeld dat h.b. op 12-1-2018 te laat is ingesteld, is dan ook niet begrijpelijk. Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 18/05542 P.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
SR-Updates.nl 2019-0416
RvdW 2020/82
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 18/05252

Datum 10 december 2019

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 december 2018, nummer 20/000124-18, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987,

hierna: de verdachte.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft I.A.C. Cools, advocaat te Tilburg, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, teneinde in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2 Beoordeling van het middel

2.1

Het middel richt zich tegen het oordeel van het Hof dat de verdachte het hoger beroep na het verstrijken van de wettelijke termijn heeft ingesteld.

2.2

Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 5 tot en met 10 is het middel terecht voorgesteld.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de bestreden uitspraak;

- wijst de zaak terug naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 december 2019.