Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2019:1752

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12-11-2019
Datum publicatie
12-11-2019
Zaaknummer
18/00985
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2019:923
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Aanwezig hebben van hennep door tas met gedroogde henneptoppen onder geparkeerde auto te leggen, art. 2.C Opiumwet. 1. Onherstelbaar vormverzuim dat dient te leiden tot strafvermindering, nu door politie postpakket van verdachte met flessen wijn is geopend zonder dat daarvoor enige wettelijke basis was? 2. Verweer dat waarneming van verbalisant, inhoudende dat verdachte tas onder auto heeft gelegd, niet mogelijk is geweest. 3. Afwijzing van ttz. in h.b. gedaan voorwaardelijk verzoek om verbalisanten als getuigen te horen o.b.v. noodzaakcriterium. HR: art. 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2019/1190
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 18/00985

Datum 12 november 2019

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 28 februari 2018, nummer 22/005281-16, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973,

hierna: de verdachte.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.J. Baumgardt en P. van Dongen, beiden advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 november 2019.