Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2019:1748

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12-11-2019
Datum publicatie
12-11-2019
Zaaknummer
18/02504
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2019:924
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Opzettelijk uit opbrengst van enig door misdrijf verkregen goed voordeel trekken (meermalen gepleegd) door samen te wonen met vriendin en gebruik te maken van voorzieningen in woning, die worden betaald uit haar bijstandsuitkering, terwijl zij samenwonen niet meldt aan sociale dienst, art. 416.2 Sr. Kan bewezenverklaring uit gebezigde b.m. worden afgeleid? HR: Op gronden vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld. CAG: B.m. houden niets in waaruit kan worden afgeleid dat in bewezenverklaring genoemde voorzieningen (gas, water en licht) en eet- en drinkwaren geheel of gedeeltelijk werden betaald van uitkering van vriendin. Evenmin volgt uit b.m. dat verdachte wist dat zijn vriendin niet had voldaan aan haar inlichtingenverplichtingen uit hoofde van Wet werk en bijstand. B.m. houden niets in waaruit kan volgen dat verdachte opzettelijk voordeel heeft getrokken uit hetgeen werd aangeschaft met door misdrijf verkregen geld. Volgt partiële vernietiging en terugwijzing.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
SR-Updates.nl 2019-0374
RvdW 2019/1193
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 18/02504

Datum 12 november 2019

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 23 mei 2018, nummer 21/005147-17, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981,

hierna: de verdachte.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Arnhem‑Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2 Beoordeling van het middel

2.1

Het middel klaagt dat de bewezenverklaring van het onder 1 tenlastegelegde niet uit de gebezigde bewijsmiddelen kan worden afgeleid.

2.2

Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 9 is het middel terecht voorgesteld.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ter zake van het onder 1 tenlastegelegde en de strafoplegging;

- wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;

- verwerpt het beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 november 2019.