Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2019:1586

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
15-10-2019
Datum publicatie
15-10-2019
Zaaknummer
18/02299
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2019:1051
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Poging zware mishandeling (art. 45 jo. 302 Sr) door met kracht een koekenpan met hete olie tegen de rug van het slachtoffer te gooien. Bewijsklachten over opzet en de temperatuur van de olie. HR: art. 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2019/1124
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 18/02299

Datum 15 oktober 2019

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 7 mei 2018, nummer 22/004089-17, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995,

hierna: de verdachte.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft B.A. Fijma, advocaat te Zwijndrecht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De plaatsvervangend Advocaat-Generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 oktober 2019.