Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2019:1433

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
27-09-2019
Datum publicatie
27-09-2019
Zaaknummer
19/02716
Formele relaties
In cassatie op: ECLI:NL:CRVB:2019:1279
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Artikel 80a RO-zaken
Inhoudsindicatie

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 19/02716

Datum 27 september 2019

ARREST

in de zaak van

[X] te [Z] , Marokko (hierna: belanghebbende)

tegen

de RAAD VAN BESSTUUR VAN DE SOCIALE VERZEKERINGSBANK

op het beroep in cassatie gericht tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 11 april 2019, nr. 17/4498 ANW, op het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam (16/5822) betreffende een besluit van de Sociale verzekeringsbank ingevolge de Algemene nabestaandenwet.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het beroep in cassatie heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het beroep in cassatie of omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.

2 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 27 september 2019.