Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:876

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
08-06-2018
Datum publicatie
08-06-2018
Zaaknummer
17/02417
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:262, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2017:2341, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Executiegeschil. Is appelgrens van art. 332 lid 1 Rv van toepassing in geval van executiegeschil in de zin van art. 438 lid 2 Rv?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/700
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

8 juni 2018

Eerste Kamer

17/02417

LZ/IF

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
voorheen wonende te [plaats], thans te [woonplaats],
EISER tot cassatie,

advocaat: mr. M.E. Bruning,

t e g e n

1. N.V. UNIVÉ ZORG,
gevestigd te Arnhem,

2. LANDELIJKE ASSOCIATIE VAN GERECHTSDEURWAARDERS B.V.,
gevestigd te Stadskanaal,

VERWEERSTERS in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Univé c.s.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. het vonnis in de zaak C/05/303248/KG ZA 16-241 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Gelderland van 8 juli 2016;

b. de arresten in de zaak 200.196.956 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 oktober 2016 en 21 maart 2017.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 21 maart 2017 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld.
De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen Univé c.s. is verstek verleend.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 6 april 2018 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Univé c.s. begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 8 juni 2018.