Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:645

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-04-2018
Datum publicatie
20-04-2018
Zaaknummer
17/01407
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:149, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2016:5480, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Opzegging kredietovereenkomst door bank. Toerekenbare tekortkoming, onrechtmatig handelen? Gebruik opzeggingsbevoegdheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/542
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

20 april 2018

Eerste Kamer

17/01407

LZ/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [eiseres 1],
wonende te [woonplaats],

2. ATROPA BELLADONNA B.V.,
gevestigd te Assen,

EISERESSEN tot cassatie,

advocaten: mr. A.E.H. van der Voort Maarschalk en mr. D.A. van der Kooij,

t e g e n

ABN AMRO BANK N.V.,
gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. F.E. Vermeulen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] c.s. en de bank.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak C/13/531899/HA ZA 12-1486 van de rechtbank Amsterdam van 26 juni 2013, 4 september 2013 en 28 januari 2015;

b. het arrest in de zaak 200.172.631/01 van het gerechtshof Amsterdam van 20 december 2016.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben [eiseres] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De bank heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor de bank mede door mr. B.F.L.M. Schim.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaten van [eiseres] c.s. hebben bij brief van 16 maart 2018 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiseres] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de bank begroot op € 854,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 20 april 2018.