Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:380

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-03-2018
Datum publicatie
20-03-2018
Zaaknummer
17/02211
Formele relaties
In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2017:822, Bekrachtiging/bevestiging
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:223
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Medeplegen van poging tot gekwalificeerde doodslag (meermalen gepleegd) door bij gewapende woningoverval tijdens vlucht op twee politieagenten te schieten, art. 288 Sr. Bewijs bijkomend oogmerk. HR: art. 81.1 RO. CAG: Hof heeft bewezenverklaring bijkomend oogmerk toereikend gemotiveerd door te overwegen dat het, gelet op het feit dat overvallers rekening hielden met aanwezigheid van gewapende beveiligers en het feit dat zij zelf voorzien waren van geladen vuurwapens, niet anders kan dan dat overvallers er rekening mee hebben gehouden dat tijdens of na overval zodanig verzet zou worden gepleegd dat door één of meer van hen teruggeschoten zou worden in de richting van anderen die een bedreiging zouden vormen voor hun veiligheid of hun vlucht zouden beletten. Samenhang met 17/00652.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/441
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

20 maart 2018

Strafkamer

nr. S 17/02211

KD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 7 februari 2017, nummer 21/004366-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de M.T. Boerlage en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 maart 2018.