Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:362

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16-03-2018
Datum publicatie
16-03-2018
Zaaknummer
17/03221
Formele relaties
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2017:1895, (Gedeeltelijke) vernietiging met verwijzen
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Kansspelbelasting. Art. 2, lid 2, en 3, Wet KSB; art. 56 en 57 VWEU. Plaats van vestiging houder internetpoker is bepalend voor kwalificatie als binnenlands of buitenlands kansspel.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Viditax (FutD), 16-03-2018
FutD 2018-0721
NTFR 2018/660 met annotatie van mr. M.M.Q. Wiezer
NLF 2018/0749 met annotatie van
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

16 maart 2018

nr. 17/03221

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 23 mei 2017, nr. 16/00019, op het hoger beroep van de Inspecteur en het incidenteel hoger beroep van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nr. HAA 15/2405) betreffende het door belanghebbende op aangifte voldane bedrag aan kansspelbelasting. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.

1 Geding in cassatie

De Staatssecretaris heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.

De Staatssecretaris heeft een conclusie van repliek ingediend.

Belanghebbende heeft een conclusie van dupliek ingediend.

2 Beoordeling van het middel

2.1.

Het middel, dat zich richt tegen het oordeel van het Hof dat de heffing van kansspelbelasting in strijd is met het vrije verkeer van diensten in de EU, slaagt op de gronden die zijn vermeld in het heden in de zaak met nummer 17/02691 uitgesproken arrest van de Hoge Raad, waarvan een geanonimiseerd afschrift aan dit arrest is gehecht.

2.2.

Gelet op hetgeen hiervoor in 2.1 is overwogen, kan ’s Hofs uitspraak niet in stand blijven. Verwijzing moet volgen.

3 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verklaart het beroep in cassatie gegrond,

vernietigt de uitspraak van het Hof, en

verwijst het geding naar het Gerechtshof Den Haag ter verdere behandeling en beslissing van de zaak met inachtneming van dit arrest.

Dit arrest is gewezen door de vice-president G. de Groot als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra, Th. Groeneveld, J. Wortel en A.F.M.Q. Beukers‑van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2018.