Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:243

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-02-2018
Datum publicatie
20-02-2018
Zaaknummer
16/01021
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:1541
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 197 Sr. Verblijf in NL na ongewenstverklaring. Falende klacht inhoudende dat de duur van de ongewenstverklaring van verdachte de in art. 11.2 Terugkeerrichtlijn opgenomen maximale duur van een inreisverbod heeft overschreden. HR: art. 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/324
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

20 februari 2018

Strafkamer

nr. S 16/01021

SA/AJ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 9 februari 2016, nummer 23/000031-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1960.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.B. Schmidt, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A. El Mokhtari, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 februari 2018.