Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:1851

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
05-10-2018
Datum publicatie
05-10-2018
Zaaknummer
17/05508
Formele relaties
In cassatie op : ECLI:NL:GHARL:2017:8751
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

HR: 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Viditax (FutD), 05-10-2018
FutD 2018-2632
NTFR 2018/2337
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

5 oktober 2018

Nr. 17/05508

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] B.V. te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 10 oktober 2017, nrs. 15/01015 tot en met 15/01030 en 16/00835, op het hoger beroep van belanghebbende tegen uitspraken van de Rechtbank Noord-Nederland (nrs. LEE 14/2264 tot en met 14/2278, 14/2675 en 15/895) betreffende de aangiften kansspelbelasting over de tijdvakken mei 2010, juli 2010, augustus 2010, september 2010, oktober 2010, februari 2011, juli 2011, juni 2012, juli 2012, september 2012, april 2013, mei 2013, juni 2013, juli 2013, augustus 2013, november 2013 en augustus 2014.

1 Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een middel voorgesteld.

De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

Belanghebbende heeft de zaak doen toelichten door B. Jongmans, advocaat te Halfweg, en D.G. Barmentlo, advocaat te Amsterdam.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de vice-president G. de Groot als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en A.F.M.Q. Beukers-van Dooren, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 5 oktober 2018.