Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:1830

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
09-10-2018
Datum publicatie
09-10-2018
Zaaknummer
17/02751
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:825
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Beroep op afwezigheid van alle schuld wegens verontschuldigbare dwaling t.a.v. de wederrechtelijkheid van het opzettelijk telen van hennep. CAG: het Hof heeft met zijn oordeel tot uitdrukking gebracht dat, omdat de rechter elke zaak - en ook een daarin gedaan beroep op verontschuldigbare rechtsdwaling - dient te beoordelen op basis van de concrete omstandigheden van het geval, verdachte er niet op mocht vertrouwen dat - waar hij eenmaal was ontslagen van alle rechtsvervolging ter zake van een drugsdelict omdat hij volgens de rechter in die zaak onder de uitzonderingsgevallen als bedoeld in art. 3a Opiumwet viel - hij ook daarna onder alle omstandigheden onder die uitzonderingsgevallen zou vallen en derhalve legaal hennep mocht telen. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 17/02754.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/1148
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

9 oktober 2018

Strafkamer

nr. S 17/02751

AKA

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 30 januari 2017, nummer 21/001921-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1959.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft B.J. Tieman, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en M.J. Borgers, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 oktober 2018.