Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:1780

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28-09-2018
Datum publicatie
28-09-2018
Zaaknummer
17/03122
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:628, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2017:1053, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verzekeringsrecht. Procesrecht. Schade catamaran ten gevolge van breuk staalkabel. Verzekeraars weigeren schade te vergoeden met beroep op uitsluitingsclausule (onvoldoende onderhoud kabel). Motiveringsklachten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/1036
S&S 2018/129
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

28 september 2018

Eerste Kamer

17/03122

EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
handelend onder de naam [A],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. M.E. Bruning,

t e g e n

1. HDI-GERLING VERZEKERINGEN N.V.,
gevestigd te Rotterdam,

2. GENERALI SCHADEVERZEKERING MAATSCHAPPIJ N.V.,
gevestigd te Diemen,

3. DELTA LLOYD SCHADEVERZEKERING N.V.,
gevestigd te Amsterdam,

4. AEGON SCHADEVERZEKERINGEN N.V.,
gevestigd te ’s-Gravenhage,

5. REAAL SCHADEVERZEKERINGEN N.V.,
gevestigd te Zoetermeer,

VERWEERSTERS in cassatie,

advocaat: mr. P.A. Fruytier.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de verzekeraars.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/13/546845/HA ZA 13/808 van de rechtbank Amsterdam van 11 september 2013, 20 november 2013, 30 april 2014, 29 juli 2015 en het aanvullend vonnis van 12 augustus 2015;

b. het arrest in de zaak 200.181.485/01 van het gerechtshof Amsterdam van 28 maart 2017.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De verzekeraars hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor de verzekeraars toegelicht door hun advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft op 15 juni 2018 schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de verzekeraars begroot op € 6.575,34 aan verschotten en
€ 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 28 september 2018.