Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:1779

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28-09-2018
Datum publicatie
28-09-2018
Zaaknummer
17/04328
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:702, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2017:2127, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Financieel recht. Vermogensbeheerovereenkomst. Cliënt vordert schadevergoeding wegens geleden verlies. Heeft bank belegd buiten afgesproken mandaat? Causaal verband?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/1038
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

28 september 2018

Eerste Kamer

17/04328

EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie, verweerder in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,

advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij,

t e g e n

INSINGERGILISSEN BANKIERS N.V.,
als rechtsopvolger onder algemene titel van Theodoor Gilissen Bankiers N.V.,
gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,

advocaat: mr. S.M. Kingma.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Theodoor Gilissen.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/13/570621/HA ZA 14-814 van de rechtbank Amsterdam van 7 januari 2015 en 25 november 2015;

b. het arrest in de zaak 200.195.337/01 van het gerechtshof Amsterdam van 6 juni 2017.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser]
beroep in cassatie ingesteld. Theodoor Gilissen heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
De procesinleiding en het verweerschrift tevens houdende voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.

Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [eiser] mede door mr. J.M. Moorman en voor Theodoor Gilissen mede door mr. C.J. Wiltink.

De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het principaal cassatieberoep.

3 Beoordeling van het middel in het principale beroep

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het principale beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Theodoor Gilissen begroot op € 6.575,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 28 september 2018.