Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:1674

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18-09-2018
Datum publicatie
18-09-2018
Zaaknummer
16/03393
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:638
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Visfraude. Valsheid in geschrift, meermalen gepleegd. A. B.V. verkocht filets van Japanse schar (‘yellowfin sole’) en schar en factureerde dat op verzoek van de afnemers o.v.v. het woord ‘scholle(n)’. Verdachte was verkoopmanager bij A. B.V. Middelen bevatten verschillende bewijsklachten valsheid in geschrift m.b.t. oordeel hof dat de facturen valselijk zijn opgemaakt door daarop te vermelden dat ‘scholl(en)’ is/zijn geleverd, terwijl in werkelijkheid de Japanse schar en schar werden geleverd, dat de verdachte opzet heeft gehad op de valsheid van de facturen en dat verdachte het oogmerk had om die facturen als echt en onvervalst te (doen) gebruiken.

HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 16/03325, 16/03328, 16/03330, 16/03395, 16/03400, 16/03403.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/1056
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

18 september 2018

Strafkamer

nr. S 16/03393

AJ/DAZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 6 juni 2016, nummer 21/004740-14, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1951.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft T.M.D. Buruma, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, doch uitsluitend voor wat betreft de strafoplegging, tot vermindering van de straf in de mate als de Hoge Raad gepast acht en tot verwerping van het beroep voor het overige.

De raadsvrouwe heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2. Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak

De Hoge Raad doet uitspraak nadat meer dan twee jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep. Dat brengt mee dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM is overschreden. Dit moet leiden tot vermindering van de aan de verdachte opgelegde geldboete van € 1.800,-, subsidiair 28 dagen hechtenis.

4 Slotsom

Nu geen van de middelen tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad geen andere dan de hiervoor onder 3 genoemde grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.

5 Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de hoogte van de opgelegde geldboete en de duur van de vervangende hechtenis;

vermindert de geldboete en de duur van de vervangende hechtenis in die zin dat deze € 1.710,-, subsidiair 27 dagen hechtenis, bedragen;

verwerpt het beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en M.T. Boerlage, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 september 2018.