Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:1166

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10-07-2018
Datum publicatie
11-07-2018
Zaaknummer
16/05566
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:536
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Ondervragingsrecht. Art. 6.3.d EVRM. CAG: i.c. staat art. 6 EVRM niet in de weg aan het gebruik tot het bewijs van het p-v van de politie met een verklaring van A nu de betrokkenheid van verdachte bij het hem tlgd. in voldoende mate steun vindt in andere b.m. en dit steunbewijs betrekking heeft op die onderdelen van de hem belastende verklaring die verdachte betwist. HR: art. 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW2018/939
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10 juli 2018

Strafkamer

nr. S 16/05566

AKA

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 1 november 2016, nummer 21/002826-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft K.D. Regter, advocaat te Heerlen, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 juli 2018.