Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2018:1101

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
06-07-2018
Datum publicatie
06-07-2018
Zaaknummer
17/02216
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:411, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2017:419, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Beroepsaansprakelijkheid advocaat jegens processuele wederpartij van cliënt in verband met leggen van beslag en voeren van procedure.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/843
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

6 juli 2018

Eerste Kamer

17/02216

TT/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. D.Th.J. van der Klei,

t e g e n

SOCIALE VERZEKERINGSBANK,
gevestigd te Amstelveen,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. R.L.M.M. Tan.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de SVB.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. het vonnis in de zaak 3415571 CV EXPL 14-7320 van de kantonrechter te Tilburg van 15 april 2015;

b. het arrest in de zaak 200.175.868/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 7 februari 2017.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De SVB heeft een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 3 mei 2018 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de SVB begroot op € 2.672,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 6 juli 2018.