Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:3258

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
22-12-2017
Datum publicatie
22-12-2017
Zaaknummer
16/05053
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:1418, Gevolgd
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksgoederenrecht. Benadeling huwelijksgemeenschap door na te laten opties uit te oefenen? Art. 1:164 lid 1 BW.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2018/78
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

22 december 2017

Eerste Kamer

16/05053

TT/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[de man],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij,

t e g e n

[de vrouw],
wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. J. den Hoed.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man en de vrouw.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak C/05/240386/HA ZA 13-153 van de rechtbank Gelderland van 22 mei 2013 en 18 september 2013;

b. het arrest in de zaak 200.139.431 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 juni 2016.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vrouw heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor de man mede door mr. J.M. Moorman.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt de man in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de vrouw begroot op € 2.028,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 22 december 2017.