Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:2967

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
26-09-2017
Datum publicatie
21-11-2017
Zaaknummer
16/01832
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Rolbeslissing Tweede Enkelvoudige Kamer HR. Verzoeken tot cassatie in WAHV-zaken afkomstig van Hof Arnhem-Leeuwarden. Cassatieberoep op voorgeschreven wijze ingesteld en mogelijk? Uit de stukken van het geding kan niet blijken dat op de wijze a.b.i. art. 449 en 450 Sv beroep in cassatie is ingesteld. Het moet er derhalve voor worden gehouden dat geen, althans niet op bij WvSv voorgeschreven wijze, beroep in cassatie is ingesteld, zodat reeds om die reden de zaken niet in behandeling kunnen worden genomen. O.g.v. art. 78.1 en 3 Wet RO staat geen cassatieberoep open tegen handelingen en beslissingen van Rb en Hof Arnhem-Leeuwarden in zaken m.b.t. de WAHV. Verzoeken worden niet in behandeling genomen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

26 september 2017

Strafkamer

Nr. S 16/01832

Hoge Raad der Nederlanden

Tweede Enkelvoudige Kamer

Rolbeslissing

op het verzoek tot cassatie van arresten van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, in de zaken tegen:

[betrokkene 1] , uitspraak 5 februari 2016,

CJIB-nummers 169156152, 158935372, 172925695, 177116690, 162054079, 169156152, 165772631, en

[betrokkene 1] , uitspraak 11 november 2016,

CJIB-nummers 187148679, 156592170 en

[betrokkene 2] , uitspraak 31 maart 2017,

CJIB-nummers 154905631 e.v., 159099434, 159511120, 159137750 en

[betrokkene 3] , uitspraak 16 augustus 2017,

WAHV 200.179.640 en

[betrokkene 4] , uitspraak 5 februari 2016,

CJIB-nummers 162944474, 160102547, 166753291.

1 Geding in cassatie

Bij de Hoge Raad zijn ingekomen namens de betrokkenen ingediende geschriften, telkens houdende een verzoek tot cassatie. Die geschriften zijn aan deze beslissing gehecht.

2 Beoordeling van de verzoeken

2.1.

Uit de stukken van het geding kan niet blijken dat in voormelde zaken op de wijze als bedoeld in de art. 449 en 450 van het Wetboek van Strafvordering beroep in cassatie is ingesteld. Het moet er derhalve voor worden gehouden dat geen, althans niet op bij genoemd Wetboek voorgeschreven wijze, beroep in cassatie is ingesteld, zodat reeds om die reden de zaken niet in behandeling kunnen worden genomen.

2.2.

De verzoeken betreffen telkens een zaak waarin de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (hierna: WAHV) is toegepast.

2.2.1.

Sinds de inwerkingtreding van de Wet van 28 oktober 1999, Stb. 1999, 469, waarbij de WAHV is gewijzigd, staat tegen door de kantonrechter gegeven beslissingen in

WAHV-zaken geen cassatieberoep meer open, maar enkel hoger beroep bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

2.2.2.

Art. 78, eerste en derde lid, van de Wet op de rechtelijke organisatie luidt in dat kader, voor zover hier van belang:

"1. De Hoge Raad neemt kennis van het beroep in cassatie tegen de handelingen, arresten, vonnissen en beschikkingen van de gerechtshoven en de rechtbanken (...)

3. Het eerste lid is (...) niet van toepassing ten aanzien van de handelingen en beslissingen van de rechtbanken en van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in zaken met betrekking tot de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (...)"

2.3.

Nu beroep in cassatie niet openstaat, kunnen de betrokkenen niet worden ontvangen in hun verzoek en moet als volgt worden beslist.

3 Beslissing

De Tweede Enkelvoudige Kamer van de Hoge Raad bepaalt dat de verzoeken tot cassatie niet in behandeling worden genomen.

Deze rolbeslissing is gegeven door de rolraadsheer A.J.A. van Dorst, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 september 2017.