Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:2906

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
17-11-2017
Datum publicatie
17-11-2017
Zaaknummer
16/03190
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:524, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHDHA:2016:857, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Advocatentuchtrecht. Bevoegdheid Deken disciplinair onderzoek in te stellen naar onbehoorlijke uitlatingen van advocaat. Kantoorbezoek, kantoor aan huis. Voldoet art. 46 Advocatenwet als wettelijke grondslag voor inbreuk op vrijheid van meningsuiting? Art. 7 Gw; art. 10 EVRM.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2017/1207
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

17 november 2017

Eerste Kamer

16/03190

TT/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser] ,
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: aanvankelijk mr. M.A.R. Schuckink Kool, na 24 juni 2017 zonder advocaat bij de Hoge Raad,

t e g e n

de ORDE VAN ADVOCATEN IN HET ARRONDISSEMENT DEN HAAG,
zetelende te Den Haag,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de orde van advocaten.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak C/09/493916 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Den Haag van 17 september 2015;

b. het arrest in de zaak 200.179.072/01 van het gerechtshof Den Haag van 12 april 2016.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen de orde van advocaten is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 23 juni 2017 op die conclusie gereageerd.

Op 13 juli 2017 is namens [eiser] een verzoek tot wraking ingediend door mr. Schuckinck Kool. Bij uitspraak van de Vierde Kamer van 3 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2806, is [eiser] in dat verzoek niet-ontvankelijk verklaard.

3 Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de orde van advocaten begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de vice-president C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 17 november 2017.