Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:2848

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10-11-2017
Datum publicatie
10-11-2017
Zaaknummer
16/04608
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:985, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2016:2057, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht, huwelijksvermogensrecht. Borgtochtovereenkomst. Vernietigbaarheid overeenkomst wegens ontbreken toestemming echtgenote (art. 1:88 lid 1, onder c, i.v.m. art. 1:89 lid 1 BW)? Doet uitzondering van art. 1:88 lid 5 BW zich voor?

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2017/5953
RvdW 2017/1204
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10 november 2017

Eerste Kamer

16/04608

RM/AR

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [eiser 1],

2. [eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. J. den Hoed,

t e g e n

COÖPERATIEVE RABOBANK U.A.,
gevestigd te Utrecht,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaten: mr. B. Winters en mr. J.W.M.K. Meijer.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en Rabobank.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak C/15/205118 / HA ZA 13-353 van de rechtbank Noord-Holland van 11 september 2013, 5 februari 2014 en 17 september 2014;

b. het arrest in de zaak 200.162.362/01 van het gerechtshof Amsterdam van 31 mei 2016.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Rabobank heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [eiser] c.s. mede door mr. I.C. Blomsma.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 29 september 2017 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Rabobank begroot op € 6.590,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 10 november 2017.