Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:2619

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
13-10-2017
Datum publicatie
13-10-2017
Zaaknummer
17/02494
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:893, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2017:965, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Beschikking
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Vervangende toestemming voor verhuizing minderjarige, art. 1:253a BW. Bij belangenafweging te betrekken gezichtspunten, betekenis fait accompli.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2017/1108
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

13 oktober 2017

Eerste Kamer

17/02494

TT/AR

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[de moeder],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. E.F.A. Linssen-van Rossum,

t e g e n

[de vader],
wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de moeder en de vader.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikking in de zaak C/15/241274/FA RK 16-1938 van de rechtbank Amsterdam van 24 mei 2016;

b. de beschikking in de zaak 200.197.706/01 van het gerechtshof Amsterdam van 21 maart 2017.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vader heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van de moeder heeft bij brief van 15 september 2017 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. du Perron en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 13 oktober 2017.