Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:26

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10-01-2017
Datum publicatie
11-01-2017
Zaaknummer
15/02799
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2016:1314, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Urineren in politiecel. Vernieling; onbruikbaar maken a.b.i. art. 350.1 Sr? HR herhaalt ECLI:NL:HR:1998:AD2883, NJ 1998/857 m.b.t. de uitleg van de term ‘onbruikbaar’ maken in de zin van art. 350.1 Sr. In ’s Hofs oordeel dat verdachte door te urineren in een politiecel, die politiecel ‘onbruikbaar’ heeft gemaakt in de zin van art. 350 Sr, ligt als vaststelling van de rechter besloten dat de politiecel tijdelijk niet op de voor een behoorlijk gebruik daarvan vereiste wijze kon worden gebruikt voor het doel waarvoor deze was bestemd. Dit oordeel geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting, is ook niet onbegrijpelijk en is toereikend gemotiveerd.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht
Wetboek van Strafrecht 350
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
SR-Updates.nl 2017-0035
NBSTRAF 2017/37
JIN 2017/40 met annotatie van M.L.C.C. de Bruijn-Lückers
NJ 207/45
RvdW 2017/130
NJB 2017/217

Uitspraak

10 januari 2017

Strafkamer

nr. S 15/02799

MD/AJ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 2 juni 2015, nummer 22/002894-14, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft Th.J. Kelder, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het middel

2.1.

Het middel klaagt dat het Hof ten onrechte, althans ontoereikend gemotiveerd, heeft geoordeeld dat sprake is van het "onbruikbaar maken" van een politiecel als bedoeld in art. 350 Sr.

2.2.1.

Het Hof heeft het vonnis van de Politierechter met aanvulling van gronden bevestigd behoudens ten aanzien van de strafoplegging. In dat vonnis is ten laste van de verdachte, overeenkomstig de tenlastelegging, bewezenverklaard dat hij:

"op 5 januari 2014 te 's-Gravenhage opzettelijk en wederrechtelijk een politiecel toebehorende aan Politie Haaglanden onbruikbaar [heeft] gemaakt door toen en daar opzettelijk en wederrechtelijk te urineren op de grond van die politiecel."

2.2.2.

Deze bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen:

"4.1 het proces-verbaal van aangifte van de politie Haaglanden, nr. PL 1524-2014003274-1, als bijlage gevoegd bij het onder 4. genoemde proces-verbaal, d.d. 5 januari 2014, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar (blz. 131 – 132), inhoudende (naar de Hoge Raad begrijpt) als relaas van de betreffende opsporingsambtenaar;

Op 5 januari 2014 te 's-Gravenhage ging ik naar [verdachte] toe ter controle van de verdachte. Ik zag toen ik de deur van de cel van politie Haaglanden open deed dat er een substantie op de grond lag waarvan ik direct vermoedde dat het urine was. Ik hoorde dat [verdachte] tegen mij zei dat wij hem als een hond behandelden en dat hij daarom ook als een hond ging pissen. Ik heb aan [verdachte] gevraagd of hij de urine op wilde ruimen, maar [verdachte] weigerde medewerking te verlenen.

4.2

het proces-verbaal van verhoor verdachte van de politie Haaglanden, nr. PL 1524-20140013274-3, als bijlage gevoegd bij het onder 4. genoemde proces-verbaal, d.d. 5 januari 2014, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren (blz. 135), inhoudende (naar de Hoge Raad begrijpt) als verklaring van de verdachte;

Ik zei als jullie mij als een hond behandelen dan gedraag ik me ook als een hond. Daarom ging ik ook als een hond plassen."

2.2.3.

De Politierechter heeft onder het kopje "nadere bewijsoverweging" voorts het volgende overwogen:

"Door te urineren op de vloer van een politiecel, kan deze vanaf dat moment totdat er is schoongemaakt niet worden gebruikt. Naar het oordeel van de politierechter valt ook een dergelijk tijdelijk onbruikbaar maken onder vernieling als bedoeld in artikel 350 van het Wetboek van Strafrecht."

2.3.

Art. 350, eerste lid, Sr luidt als volgt:

"Hij die opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielt, beschadigt, onbruikbaar maakt of wegmaakt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie."

2.4.

De in de tenlastelegging en bewezenverklaring gebruikte term 'onbruikbaar' is aldaar kennelijk gebezigd in de betekenis die daaraan toekomt in art. 350, eerste lid, Sr. Van onbruikbaar maken in de zin van art. 350, eerste lid, Sr is sprake als een voorwerp in een toestand wordt gebracht waardoor het voorwerp niet meer gebruikt kan worden voor het doel waarvoor het is bestemd. Daaraan behoeft niet af te doen dat de onbruikbaarmaking van beperkte duur is en herstel in het gebruik zonder noemenswaardige kosten of inspanning mogelijk is (vgl. HR 19 mei 1998, ECLI:NL:HR:1998:AD2883, NJ 1998/857).

2.5.

Blijkens de hierboven onder 2.2.2 weergegeven bewijsmiddelen in samenhang met de onder 2.2.3 weergegeven overweging heeft het Hof geoordeeld dat de verdachte door te urineren in een politiecel, die politiecel "onbruikbaar" heeft gemaakt in de zin van art. 350 Sr. Dat oordeel, waarin als vaststelling van de rechter ligt besloten dat de politiecel tijdelijk niet op de voor een behoorlijk gebruik daarvan vereiste wijze kon worden gebruikt voor het doel waarvoor deze was bestemd, geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Dat oordeel is ook niet onbegrijpelijk en is toereikend gemotiveerd.

2.6.

Het middel faalt.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 januari 2017.