Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:24

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10-01-2017
Datum publicatie
11-01-2017
Zaaknummer
15/03063
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2016:1312, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Bedreiging, art. 285 Sr. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2014:2916. Uit de gebezigde b.m. kan niet z.m. worden afgeleid dat de inhoud van het sms-bericht ter kennis is gekomen van de bedreigde. De bestreden uitspraak is niet naar de eis der wet met redenen omkleed. Samenhang met 15/02325.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafrecht
Wetboek van Strafrecht 285
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2017/131
NBSTRAF 2017/27
SR-Updates.nl 2017-0068
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10 januari 2017

Strafkamer

nr. S 15/03063

LBS/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 1 mei 2015, nummer 21/002466-14, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest, maar uitsluitend wat betreft de bewezenverklaring en kwalificatiebeslissing in de zaak met parketnummer 16/198646-13 en de strafoplegging en tot verwerping van het beroep voor het overige.

2 Beoordeling van het middel

2.1.

Het middel klaagt dat de bewezenverklaring in de zaak met parketnummer 16/198646-13 onvoldoende met redenen is omkleed, nu uit de door het Hof gebezigde bewijsmiddelen niet kan volgen dat de inhoud van het sms-bericht ter kennis is gekomen van de dochter van [betrokkene 1] .

2.2.

Ten laste van de verdachte is in de zaak met parketnummer 16/198646-13 bewezenverklaard dat:

"hij op 10 december 2012 te Almere de dochter van [betrokkene 1] per sms bericht heeft bedreigd met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend aan [betrokkene 1] een sms bericht verstuurd met daarin de volgende tekst: "Zeg tege je hoeredochter ik kom nu me jas halen en me tas en ik maak geel kk grappe meer ben het zat wil alles trug kk hoeren dag jullie zijn als [betrokkene 2] nog 1 x tot zo laat blijve op de opvang ik zeg je nu alvast ik vermink jou jankedochter"."

2.3.

Deze bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen:

"6. Een in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar opgemaakt proces-verbaal van aangifte d.d. 10 december 2012 (pagina 3-5 van zaaksdossiernummer PL2540 2012087891), inhoudende - zakelijk weergegeven -

als verklaring van aangeefster [betrokkene 1] :

Ik wil aangifte doen van bedreiging door de ex van mijn dochter [betrokkene 2] . Zijn naam is [verdachte] . De bedreiging van [verdachte] is nu al twee maanden aan de gang. Het telefoonnummer waarmee [verdachte] de berichten verstuurt is [06-001] . Op 10 december 2012 om 17:05 uur kreeg ik op mijn telefoon een sms bericht van [verdachte] . Direct daarna kreeg ik nog een bericht van hem. De tekst daarvan was:

"Zeg tegen je hoerendochter ik kom nu mijn jas halen en mijn tas en ik maak geen kanker grappen meer, ben het zat wil alles terug kanker hoeren dat jullie zijn, als [betrokkene 2] nog 1 keer tot zo laat blijven op de opvang, ik zeg je nu alvast, ik vermink jou kanker dochter".

7. Een in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar opgemaakt proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 11 december 2012 (pagina 9-10 van zaaksdossiernummer PL2540 2012087891), inhoudende - zakelijk weergegeven gegeven -

als verklaring van aangeefster [betrokkene 2] :

Op maandag 10 december 2012 heb ik van 08:00 tot en met 15:40 stage gelopen op basisschool [A] in Almere Buiten. Daarna ben ik naar huis gegaan. Mijn moeder, [betrokkene 1] , was toen ook thuis. Omstreeks 18:00 uur hoorde ik de huistelefoon rinkelen. Mijn moeder nam op. Ik hoorde dat [verdachte] aan de andere kant hing. Mijn moeder vertelde mij dat [verdachte] mij had bedreigd.

8. Een in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 10 december 2012 (pagina 17 van zaaksdossiernummer PL2540 2012087891) inhoudende - zakelijk weergegeven -:

als bevinding van verbalisanten of een van hen:

Op maandag 10 december 2012 is door mij, verbalisant [verbalisant 1] , een telefoon aangetroffen bij [verdachte] . Ik zag dat in die telefoon het volgende sms-bericht stond:
"Zeg tege je hoeredochter ik kom nu me jas halen en me tas en ik maal geel kk grappe meer ben het zat wil alles trug kk hoeren dag jullie zijn als [betrokkene 2] nog 1 x tot zo laat blijve op de opvang ik zeg je nu alvast ik vermink jou jankedochter".

Ik, verbalisant [verbalisant 2] , zag dat dit bericht is verzonden op maandag 10 december 2012 te 17:05 uur naar ene [betrokkene 1] , voorzien van telefoonnummer [06-002] .

9. Een in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 10 december 2012 (pagina 18 van zaaksdossiernummer PL2540 2012087891) inhoudende - zakelijk weergegeven -:

als bevinding van verbalisant:

Ik vroeg aan de aangeefster, [betrokkene 1] , op welk telefoonnummer zij deze berichten kreeg. Ik hoorde haar zeggen dat dit het nummer [06-002] betrof."

2.4.

Voor een veroordeling ter zake van bedreiging met zware mishandeling is onder meer vereist dat de bedreigde daadwerkelijk op de hoogte is geraakt van de bedreiging, waardoor bij de bedreigde in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat deze zwaar lichamelijk letsel zou kunnen oplopen. (Vgl. HR 7 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2916, NJ 2014/489.)

2.5.

Aangezien uit de door het Hof gebezigde bewijsmiddelen niet zonder meer kan worden afgeleid dat de inhoud van het sms-bericht ter kennis is gekomen van de dochter van [betrokkene 1] , is de bestreden uitspraak niet naar de eis der wet met redenen omkleed.

2.6.

Het middel slaagt.

3 Slotsom

Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak maar uitsluitend wat betreft de beslissingen ter zake van het in de zaak met parketnummer 16/198646-13 tenlastegelegde en de strafoplegging;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;

verwerpt het beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door de vice-presiden W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 januari 2017.