Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:1170

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-06-2017
Datum publicatie
28-06-2017
Zaaknummer
15/05598
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:550, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Strafmotivering. Verwijzing naar eerdere veroordelingen t.z.v. rijden onder invloed en besturen van motorrijtuig met geschorst rijbewijs, terwijl uit JD blijkt dat eerdere veroordeling t.z.v. besturen van motorrijtuig met geschorst rijbewijs t.t.v. het bewezen verklaarde besturen van motorrijtuig met ongeldig verklaard rijbewijs nog niet onherroepelijk was. HR: art. 81.1 RO. CAG: Bepalend is dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten en niet de precieze aard van het delict. Overwegingen Hof kunnen worden gelezen met weglating van de bij kennelijke misslag opgenomen woorden “en éénmaal eerder voor overtreding van artikel 9, lid 5 van de Wegenverkeerswet 1994”.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2017/788
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

20 juni 2017

Strafkamer

nr. S 15/05598

AKA

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 13 november 2015, nummer 22/001645-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 juni 2017.