Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2017:1116

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20-06-2017
Datum publicatie
20-06-2017
Zaaknummer
16/01450
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:492, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2016:716, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Brandstichtende brandweerman (art. 157 Sr). Als brandweerman werkzame verdachte is veroordeeld voor negen (deels in de nachtelijke uren) gepleegde brandstichtingen in de periode van 16-8-2008 t/m 5-4-2012 in Het Gooi, waarbij delen van de natuur, een bestelbus en een groot aantal woningen ernstig zijn beschadigd. Klachten over verwerping uos, afwijzing voorwaardelijk deskundigenverzoek en het bewijs. HR: art. 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2017/745
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

20 juni 2017

Strafkamer

nr. S 16/01450

EC/DFL

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 2 maart 2016, nummer 23/003457-13, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.L. Plas, advocaat te Bunnik, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsvrouwe heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 juni 2017.