Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2016:544

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
01-04-2016
Datum publicatie
01-04-2016
Zaaknummer
15/05679
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2016:174, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2015:5031, Niet ontvankelijk
Rechtsgebieden
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Artikel 80a RO-zaken
Inhoudsindicatie

Art. 80a lid 1 RO. WSNP. Toelatingsverzoek niet-ontvankelijk wegens ontbreken verklaring art. 285 lid 1, onder f, Fw. Schulden niet te goeder trouw (art. 288 lid 1 Fw).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWB 2016/136
RvdW 2016/449
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

1 april 2016

Eerste Kamer

15/05679

LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[verzoeker],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.

Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak C/02/303291/FT RK 15-1191 van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 13 oktober 2015;

b. het arrest in de zaak 200.179.244/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 december 2015.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep op de voet van art. 80a RO.

3 Beoordeling van de ontvankelijkheid

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 2 en 3).

De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 1 april 2016.