Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2016:396

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11-03-2016
Datum publicatie
11-03-2016
Zaaknummer
15/00104
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:2484, Contrair
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2014:3648, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijke opzegging (art. 7:681 BW)? Hoogte vergoeding. Ontslagbescherming als oud-lid OR.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWB 2016/107
AR 2016/698
RvdW 2016/386
JAR 2016/95
AR-Updates.nl 2016-0254
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

11 maart 2016

Eerste Kamer

15/00104

EV/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser] ,
wonende te [woonplaats] ,

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. S.F. Sagel,

t e g e n

[verweerster] ,
gevestigd te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. R.A.A. Duk.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerster] .

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 821181/CV EXPL 12-1442 van de kantonrechter te Helmond van 14 november 2012;

b. de arresten in de zaak HD 200.122.103/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 9 april 2013 en
16 september 2014.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 16 september 2014 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld.
De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [eiser] mede door mr. R. Van ‘t Wout.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot vernietiging en verwijzing.

De advocaat van [verweerster] heeft bij brief van 31 december 2015 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 841,34 aan verschotten en
€ 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, G. Snijders, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 11 maart 2016.