Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2016:2345

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
14-10-2016
Datum publicatie
14-10-2016
Zaaknummer
16/03201
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2016:990, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2016:2467, Niet ontvankelijk
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWB 2016/382
RvdW 2016/1069

Uitspraak

14 oktober 2016

Eerste Kamer

16/03201

LZ/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[verzoeker],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. O.P.N.M. Tennebroek.

Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak C/02/14/573 R van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 3 december 2015;

b. de arresten in de zaak 200.181.826/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 7 april 2016 en 16 juni 2016.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de arresten van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker in zijn cassatieberoep.

3 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

Het op 22 juni 2016 ingekomen verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld door hetzelfde verzoekschrift binnen twee weken na binnenkomst ter griffie van de Hoge Raad opnieuw in te dienen, maar nu ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Van deze mogelijkheid is geen gebruik gemaakt. Dit brengt mee dat [verzoeker] in zijn beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in zijn beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 14 oktober 2016.