Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2015:532

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10-03-2015
Datum publicatie
11-03-2015
Zaaknummer
13/04081
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:166, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Slagende bewijsklacht opzetheling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
SR-Updates.nl 2015-0132
RvdW 2015/437
NJ 2015/162 met annotatie van
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

10 maart 2015

Strafkamer

nr. 13/04081

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 22 juli 2013, nummer 21/003126-13, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. I.V. Nagelmaker, advocaat te Lelystad, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2. Beoordeling van het middel

2.1.

Het middel klaagt over de motivering van de bewezenverklaring.

2.2.1.

Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:

"hij op 22 december 2012 te Amersfoort, een televisie en een laptop heeft verworven of, voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die televisie en laptop wist, dat het door misdrijf verkregen goederen betrof."

2.2.2.

Deze bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen:

"1. Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van aangifte (als bijlage op pagina 15-19 van het proces-verbaal genummerd 2012286514) voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als verklaring van [betrokkene 1]:

Ik doe aangifte namens de benadeelden [betrokkene 2] en [betrokkene 3] van inbraak in de woning aan de [a-straat 1] in Amersfoort. Op 21 december 2012 omstreeks 1.00 uur had ik de woning afgesloten en onbeschadigd achtergelaten. Mijn dochter [betrokkene 2] werd op 22 december 2012 omstreeks 11.00 uur gebeld door de politie Amersfoort met de vraag of zij een laptop van het merk Toshiba in haar bezit zou hebben. [betrokkene 2] heeft inderdaad een laptop van het merk Toshiba. [betrokkene 2] hoorde de politie zeggen dat de laptop op dit moment in het bezit was van de politie. Na het telefoongesprek zijn wij naar de woning gegaan. Ik zag dat het raam aan de achterkant van de woning op een kier stond. [betrokkene 2] zag dat haar Toshiba laptop was weggenomen. [betrokkene 3] zag dat haar televisie was weggenomen.

Bijlage weggenomen goederen:

Object: Televisie (flatscreen)

Merk/type: Q-Media Q1-2216

Serienummer: [001]

Object: Computer (portable)

Merk/type: Toshiba L350

Serienummer: [002]

2. Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen (als bijlage op pagina 21 van het proces-verbaal genummerd 2012286514) voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als relaas van verbalisanten:

Op 22 december 2012 omstreeks 2.15 uur zagen wij dat een fietser zonder verlichting fietste over de Amersfoortestraat in Soesterberg. Wij zagen dat de persoon een grote rode bigshopper bij zich had. Wij hebben de persoon staande gehouden in het kader van de Wegenverkeerswet omtrent zijn fietsverlichting. De persoon gaf op te zijn genaamd [verdachte], geboren op [geboortedatum] 1980 te [geboorteplaats]. Wij zagen dat er in de fietstassen van deze persoon een televisie zat en een laptop. Gezien het feit dat de persoon niet goed kon aangeven waar hij de goederen vandaan had hebben wij besloten de persoon als verdachte aan te merken van heling en hem vervolgens aan te houden ter zake van heling.

3. Het in de wettelijke vorm opgemaakte aanvullend proces-verbaal van bevindingen (als bijlage bij het proces-verbaal genummerd 2012286514) voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als relaas van verbalisant:

In aanvulling op het opgemaakte proces-verbaal van 22 december 2012 kan ik het navolgende verklaren. In dit proces-verbaal is abusievelijk vermeld dat er fietstassen op de fiets zouden zitten. Dit is niet het geval. De verdachte [verdachte] had een rode bigshopper bij zich. Deze had hij op zijn bagagedrager geplaatst en die hield hij met één hand achter zich vast. Wij zagen toen de persoon was staande gehouden dat er uit de bigshopper een televisiescherm stak. Wij zagen dat er verder in de tas nog een laptop zat.

4. Een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 5 van het Wetboek van Strafvordering, te weten een kennisgeving van inbeslagneming (als bijlage bij het proces-verbaal genummerd 2012232897), voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Beslagene: [verdachte], geboren [geboortedatum] 1980 in [geboorteplaats]

Object: Televisie (flatscreen)

Merk/type: Q-Media Q1-2216

Serienummer: [001]

Object: Computer (portable)

Merk/type: Toshiba L350

Serienummer: [002]

5. Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van bevindingen (als bijlage op pagina 35 van het proces-verbaal genummerd 2012286514) voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven - als relaas van verbalisant:

Ik heb een onderzoek ingesteld naar de laptop merk Toshiba L350, serienummer [002], waarbij het volgende is bevonden. Ik zag dat het vergrendelde account de naam "[betrokkene 2]" had. Ik zag dat in de map 'mijn documenten' van gebruiker [betrokkene 2] diverse worddocumenten stonden. Nadat ik het document "CV" had geopend zag ik dat het een Curriculum Vitae betrof van [betrokkene 2].

6. De verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van het hof d.d. 8 juli 2013, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Ik had bij de Burger King in Amersfoort afgesproken met een persoon genaamd [betrokkene 4]. Ik ken de man verder niet, het ging om een advertentie van Marktplaats. Ik heb 400 euro betaald voor de laptop. De man besloot om er voor 50 euro ook een televisie bij te doen. Ik heb [betrokkene 4] gevraagd waar de laptop was gekocht en of de laptop gestolen was, waarop het antwoord "nee" was."

2.2.3.

Het Hof heeft ten aanzien van de bewezenverklaring voorts het volgende overwogen:

"Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan opzetheling. Op verdachte rust een onderzoeksplicht bij het kopen van goederen via Marktplaats. Die onderzoeksplicht reikt verder dan dat verdachte zelf stelt. Het hof is van oordeel dat van verdachte in dit geval - de goederen werden afgeleverd in een Burger King en niet thuis, bij de verkoper; verdachte kende alleen maar een naam ("[betrokkene 4]") van de verkoper - meer onderzoek kan worden gevergd naar de herkomst van de goederen dan hij zegt te hebben gedaan."

2.3.

Aangezien de bewezenverklaring, voor zover inhoudende dat de verdachte "ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die televisie en laptop wist, dat het door misdrijf verkregen goederen betrof" niet zonder meer kan worden afgeleid uit 's Hofs bewijsvoering, is de bestreden uitspraak niet naar de eis der wet met redenen omkleed.

2.4.

Het middel slaagt.

3 Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren N. Jörg en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 maart 2015.