Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2015:3611

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18-12-2015
Datum publicatie
18-12-2015
Zaaknummer
15/04824
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:2331, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2015:4194, Niet ontvankelijk
Rechtsgebieden
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Artikel 80a RO-zaken
Inhoudsindicatie

Art. 80a lid 1 RO. WSNP. Toelating; ontbreken goede trouw (art. 288 lid 1, onder b, Fw).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWB 2016/12
RvdW 2016/120
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

18 december 2015

Eerste Kamer

15/04824

LZ/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[verzoekster],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.

Verzoekster zal hierna ook worden aangeduid als [verzoekster].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak C/13/575995/FT RK 14/2624 van de rechtbank Amsterdam van 11 augustus 2015;

b. het arrest in de zaak 200.175.218/01 van het gerechtshof Amsterdam van 13 oktober 2015.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot toepassing van artikel 80a lid 1 RO.

3 Beoordeling van de ontvankelijkheid

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 2.1-2.4).

De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 18 december 2015.