Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2015:1863

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10-07-2015
Datum publicatie
10-07-2015
Zaaknummer
15/01772
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:687, Gevolgd
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Beschikking
Inhoudsindicatie

Ontvankelijkheid. Cassatieverzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad, art. 426a lid 1 Rv.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWB 2015/263
RvdW 2015/872

Uitspraak

10 juli 2015

Eerste Kamer

15/01772

EE/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[verzoekster],
wonende te Zuid-Afrika,

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. L.C. Blok,

t e g e n

de STAAT DER NEDERLANDEN
(Ministerie van Veiligheid en Justitie, Immigratie- en Naturalisatiedienst),
zetelende te ’s-Gravenhage,

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en de Staat.

1 Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/09/461940/HA RK 14-123 van de rechtbank Den Haag van 15 januari 2015.

De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep.

3 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

Het op 15 april 2015 ingekomen verzoekschrift voldoet niet aan de eisen van art. 426a lid 1 Rv, omdat het niet is ondertekend door een advocaat bij de
Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld door hetzelfde verzoekschrift binnen twee weken na binnenkomst ter griffie van de Hoge Raad opnieuw in te dienen, maar nu ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad.
Een verzoek van mr. Blok om verlenging van deze termijn is door de rolraadsheer afgewezen en het verzuim is niet hersteld binnen de daarvoor gestelde termijn. Dit brengt mee dat [verzoekster] in haar beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart [verzoekster] niet-ontvankelijk in haar beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 10 juli 2015.