Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2015:1782

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
07-07-2015
Datum publicatie
08-07-2015
Zaaknummer
13/02920
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:1001
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

1. Gegronde klacht over toewijzing vordering b.p. 2. Ambtshalve: overschrijding redelijke termijn in cassatie. Conclusie AG over o.m. rechtstreekse schade a.b.i. art. 361.2 aanh en onder b Sv en het belang dat de overtreden strafbepaling beschermd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
SR-Updates.nl 2015-0317
RvdW 2015/897

Uitspraak

7 juli 2015

Strafkamer

nr. 13/02920

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 21 mei 2013, nummer 21/004901-12, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. N. van der Laan, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, doch uitsluitend wat betreft de toewijzing van de vordering van de benadeelde partij en de daarbij opgelegde schadevergoedingsmaatregel, en tot zodanige op art. 440 Sv gebaseerde beslissing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.

2 Beoordeling van het middel

2.1.

Het middel klaagt over de toewijzing van de vordering van de benadeelde partij.

2.2.

Op de gronden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal in het bijzonder die onder 12 is het middel terecht voorgesteld.

3 Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak

De Hoge Raad doet uitspraak nadat meer dan 2 jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep. Dat brengt mee dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM is overschreden. Dit moet leiden tot vermindering van de aan de verdachte opgelegde werkstraf van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis.

4 Slotsom

Nu de Hoge Raad geen andere dan de hiervoor onder 3 vermelde grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.

5 Beslissing

De Hoge Raad:

vernietigt de bestreden uitspraak wat betreft het aantal uren te verrichten taakstraf en de duur van de vervangende hechtenis;

vermindert het aantal uren taakstraf in die zin dat dit 95 uren bedraagt, subsidiair 47 dagen hechtenis;

vernietigt de bestreden uitspraak voorts wat betreft de beslissing tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij en de beslissing tot oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;

wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;

verwerpt het beroep voor het overige.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier S.C. Rusche, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 juli 2015.