Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2015:1446

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
02-06-2015
Datum publicatie
04-06-2015
Zaaknummer
15/00399
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2015:788, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Herziening
Inhoudsindicatie

Herziening. Aanvraag n-o. De beslissing tot buiten behandeling laten van het hoger beroep is niet een uitspraak houdende een veroordeling i.d.z.v. art. 457.1 Sv. Op de gronden vermeld in de CAG ziet de HR geen ruimte voor de in de aanvraag bepleite extensieve uitleg van art. 457.1 Sv.

Wetsverwijzingen
Wetboek van Strafvordering
Wetboek van Strafvordering 457
Wetboek van Strafvordering 465
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2015/727
NJ 2015/402 met annotatie van J.M. Reijntjes
NBSTRAF 2015/178
SR-Updates.nl 2015-0262
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

2 juni 2015

Strafkamer

nr. 15/00399 H

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op een aanvraag tot herziening van een in kracht van gewijsde gegane beschikking van het Gerechtshof te Arnhem van 8 januari 2008, nummer 21/004023-07, ingediend door mr. W.H. Jebbink, advocaat te Amsterdam, namens:

[aanvrager] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967.

1 De uitspraak waarvan herziening is gevraagd

Het Hof heeft bij beschikking van 8 januari 2008 beslist dat het hoger beroep tegen het vonnis van de Politierechter in de Rechtbank Arnhem van 10 oktober 2007 waarbij de aanvrager ter zake van 1. "mishandeling" en 2. "niet voldoen aan de verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden, hem opgelegd bij art. 2 van de Wet op de identificatieplicht" is veroordeeld tot een geldboete van € 170,-, subsidiair 3 dagen hechtenis, en tot een geldboete van € 50,-, subsidiair 1 dag hechtenis, buiten behandeling wordt gelaten.

2 De aanvraag tot herziening

De aanvraag tot herziening is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

3 De conclusie van de Advocaat-Generaal

De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van het herzieningsverzoek.

4 Beoordeling van de aanvraag

De aanvraag zal niet tot herziening kunnen leiden, reeds omdat de beslissing tot het buiten behandeling laten van het hoger beroep niet is een uitspraak houdende een veroordeling in de zin van art. 457, eerste lid, Sv. De aanvraag kan daarom - gelet op art. 465, eerste lid, Sv - niet worden ontvangen. Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 18 ziet de Hoge Raad geen ruimte voor de in de aanvraag bepleite extensieve uitleg van evengenoemde bepaling.

5 Beslissing

De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en J.W. Ilsink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juni 2015.

Mr. Balkema en mr. Ilsink zijn buiten staat dit arrest te ondertekenen.