Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2015:1364

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
29-05-2015
Datum publicatie
29-05-2015
Zaaknummer
14/01133
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

HR verklaart het beroep in cassatie ongegrond, zie 14/01134.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

29 mei 2015

Nr. 14/01133

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van Gemeente Nijkerk te Nijkerk (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 23 januari 2014, nr. 12/00201, betreffende een aan belanghebbende opgelegde naheffingsaanslag in de omzetbelasting.

1 Het eerste geding in cassatie

De uitspraak van het Gerechtshof Arnhem (nrs. 09/00318 tot en met 09/00323) is op het beroep van belanghebbende bij arrest van de Hoge Raad van 27 april 2012, nr. 10/04034, vernietigd, met verwijzing van het geding naar het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch (hierna: het Hof) ter verdere behandeling en beslissing van de zaak met inachtneming van dat arrest.

2 Het tweede geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij twee middelen voorgesteld.

De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.

3 Beoordeling van de middelen

3.1.

Middel 1 faalt op de gronden die zijn vermeld in het heden in de zaak met nummer 14/01134 tussen dezelfde partijen uitgesproken arrest van de Hoge Raad.

3.2.

Middel 2 wordt terecht voorgesteld. Het kan echter niet tot cassatie leiden, aangezien met het bedrag aan overdrachtsbelasting rekening is gehouden in het hiervoor in 3.1 bedoelde arrest.

4 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

5 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren D.G. van Vliet, P. Lourens, C.B. Bavinck en E.N. Punt, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 29 mei 2015.