Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2014:944

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18-04-2014
Datum publicatie
18-04-2014
Zaaknummer
13/01243
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:78, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHARN:2012:BY6098, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Invordering bestuursrechtelijke dwangsommen. Misbruik van bevoegdheid of anderszins in strijd met recht? Toerekening gedragingen bestuurder van verschillende vennootschappen. Selectieve handhaving? Voorwaardelijk verzoek om pleidooi gepasseerd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2014/605
JWB 2014/193

Uitspraak

18 april 2014

Eerste Kamer

nr. 13/01243

TT/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

BPN B.V., tevens handelende onder de naam [A],
gevestigd te Kootwijkerbroek, gemeente Barneveld,

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. R.F. Thunnissen,

t e g e n

DE GEMEENTE BARNEVELD,
zetelende te Barneveld,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaten: mr. M.E. Gelpke en mr. R.L. de Graaff.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als BBI en de Gemeente.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 170714/HA ZA 08-937 van de rechtbank Arnhem van 13 augustus 2008 en 14 januari 2009;

b. het arrest in de zaak 200.034.749 van het gerechtshof te Arnhem van 11 december 2012.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

2.1

Tegen het arrest van het hof heeft BBI beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het eerste, tweede en derde cassatiemiddel en tot referte ten aanzien van het vierde cassatiemiddel.

De zaak is voor de Gemeente toegelicht door haar advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping.

De advocaat van BBI heeft bij brief van 27 februari 2014 op die conclusie gereageerd.

2.2

Partijen hebben na de conclusie gelegenheid, in beginsel binnen twee weken nadat de conclusie, al naar de aard van het geding, ter rolle is genomen dan wel aan partijen is verzonden, daarop te reageren. De eisen van een goede procesorde brengen evenwel mee dat, nadat de conclusie is genomen, geen plaats is voor voortzetting van het debat van partijen en dat het in beginsel dient te gaan om een beknopte reactie op de inhoud van de conclusie. Een uitvoeriger reactie is slechts gerechtvaardigd, voor zover de conclusie elementen bevat die ten opzichte van het eerdere processuele debat nieuw zijn, zodat in de reactie daarop niet kan worden verwezen naar eerder aangevoerde stellingen.

Nu de conclusie van de Advocaat-Generaal zodanige elementen niet bevat, is de onderhavige reactie, die geenszins als een beknopte reactie valt aan te merken, in strijd met de eisen van een goede procesorde. De Hoge Raad zal dan ook op de reactie van de advocaat van BBI geen acht slaan.

3 Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt BBI in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 818,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 18 april 2014.