Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2014:667

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
21-03-2014
Datum publicatie
21-03-2014
Zaaknummer
12/04652
Formele relaties
In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2012:BX5668
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Bodemzaak
Inhoudsindicatie

HR: 81.1 RO.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
V-N Vandaag 2014/830
V-N 2014/25.1.4
V-N 2015/1035
FutD 2014-0656
NTFR 2014/992 met annotatie van De redactie
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

21 maart 2014

Nr. 12/04652

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 23 augustus 2012, nr. 04/01848, betreffende het verzoek van [X] te [Z], België (hierna: belanghebbende) om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn.

1 Geding in cassatie

De Staatssecretaris van Financiën heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een middel voorgesteld.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 21 maart 2014.

Van de Staat wordt ter zake van het door de Staatssecretaris van Financiën ingestelde beroep in cassatie een griffierecht geheven van € 466.