Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2014:3661

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19-12-2014
Datum publicatie
19-12-2014
Zaaknummer
14/05033
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:2193, Gevolgd
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. BOPZ. Voorlopige machtiging (art. 2 Wet Bopz). Afwijzing verzoek tot aanhouding. Gevaar.

Wetsverwijzingen
Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen
Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen 2
Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen 14a
Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen 51
Wetboek van Strafrecht
Wetboek van Strafrecht 15a
Wet op de rechterlijke organisatie
Wet op de rechterlijke organisatie 81
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JVGGZ 2015/2 met annotatie van T.P. Widdershoven
JWB 2015/17
RvdW 2015/98

Uitspraak

19 december 2014

Eerste Kamer

nr. 14/05033

LZ/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[betrokkene],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. G.E.M. Later,

t e g e n

de OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT OOST-BRABANT,
zetelende te ′s-Hertogenbosch,

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als betrokkene en de officier van justitie.

1 Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/01/281038 / FA RK 14-3674 van de rechtbank Oost-Brabant van 8 juli 2014.

De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft betrokkene beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal strekt tot verwerping van het beroep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 19 december 2014.