Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2014:3450

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
25-11-2014
Datum publicatie
27-11-2014
Zaaknummer
14/01286
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:2187, Gevolgd
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Verlenen van verlof, art. 552p.2 Sv. Tegen deze beschikking staat o.g.v. art. 445 Sv alleen voor het OM en de klager beroep in cassatie open, vgl. art. 445 Sv en HR 19 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ1670. Degene die cassatie heeft ingesteld heeft niet (tijdig) een klaagschrift ingediend bij de Rb, zodat hij niet als klager kan worden aangemerkt. De HR verklaart degene die beroep in cassatie heeft ingesteld n-o in het beroep.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
SR-Updates.nl 2014-0520
RvdW 2015/29

Uitspraak

25 november 2014

Strafkamer

nr. 14/01286 B

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle, van 22 januari 2014, nummer RK 13/922, betreffende het verlenen van verlof als bedoeld in art. 552p, tweede lid, Sv in de zaak van:

[betrokkene] .

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door [betrokkene]. Namens deze heeft mr. T.M.D. Buruma, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht.

De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van [betrokkene] in zijn cassatieberoep.

De raadsvrouwe heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

2.1.

Het beroep is gericht tegen een naar aanleiding van een verzoek om rechtshulp van de Poolse justitiƫle autoriteiten gegeven beschikking tot het verlenen van verlof als bedoeld in art. 552p, tweede lid, Sv.

2.2.

Volgens art. 445 Sv staat tegen beschikkingen beroep in cassatie alleen open in de gevallen in dat wetboek bepaald. Nu in dat wetboek geen bepaling voorkomt volgens welke tegen een beschikking als de onderhavige beroep in cassatie openstaat voor anderen dan het openbaar ministerie en de klager, kan [betrokkene], die in de onderhavige zaak niet als zodanig kan worden aangemerkt, in het ingestelde beroep niet worden ontvangen. (Vgl. HR 19 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ1670, NJ 2007/26)

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart [betrokkene] niet-ontvankelijk in het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 november 2014.