Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2014:1665

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11-07-2014
Datum publicatie
11-07-2014
Zaaknummer
13/04453
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:671, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2013:1656, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Aansprakelijkheid assurantietussenpersoon. Zorgplicht bij brandverzekering met ‘alarmclausule’, terwijl tussenpersoon wist dat alarm niet meer werkte.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2014/954
JWB 2014/312

Uitspraak

11 juli 2014

Eerste Kamer

nr. 13/04453

EV/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. L. Kelkensberg,

t e g e n

de coöperatie COÖPERATIEVE RABOBANK BERNHEZE MAASLAND U.A.,
gevestigd te Heesch, gemeente Bernheze,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Rabobank.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 444262/HA ZA 09-3785 van de rechtbank Amsterdam van 17 maart 2010, 26 januari 2011, 4 mei 2011 en 16 mei 2012;

b. het arrest in de zaak 200.110.711/01 van het gerechtshof Amsterdam van 4 juni 2013.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Rabobank heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat en mr. L. van den Eshof, advocaat bij de Hoge Raad, en voor de Rabobank door haar advocaat en mr. L.J. Burgman, advocaat te Amsterdam.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Rabobank begroot op € 818,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 11 juli 2014.