Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2014:1637

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11-07-2014
Datum publicatie
11-07-2014
Zaaknummer
14/00564
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:494, Gevolgd
In sprongcassatie op: ECLI:NL:RBNHO:2013:13981, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Onteigeningsrecht. Misbruik van recht doordat gekozen tracé niet leidt tot onteigening van percelen van een met Staat gelieerde partij? Onbegrijpelijk oordeel? Belang? Samenhang met 14/00562, 14/00563 en 14/00565.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2014/985
JWB 2014/314

Uitspraak

11 juli 2014

Eerste Kamer

nr. 14/00564

EV/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. J.P. van den Berg,

t e g e n

DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Infrastructuur en Milieu),
zetelende te ’s-Gravenhage,

VERWEERDER in cassatie,

advocaten: mr. M.W. Scheltema en mr. R.T. Wiegerink.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en de Staat.

1 Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de vonnissen in de zaak C/15/206163/HA ZA 13-430 van de rechtbank Noord-Holland van 9 oktober 2013 en 18 december 2013.

Het vonnis van de rechtbank van 18 december 2013 is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het vonnis van de rechtbank van 18 december 2013 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Staat heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de waarnemend Advocaat-Generaal J.C. van Oven strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 6 juni 2014 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 841,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 11 juli 2014.