Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2014:1401

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
13-06-2014
Datum publicatie
13-06-2014
Zaaknummer
11/01104
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:294, Gevolgd
In cassatie op : ECLI:NL:GHAMS:2010:3136, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Artikel 81 RO-zaken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verhuur bedrijfsruimte met onzelfstandige woonruimte. Aanspraak op bescherming art. 7A:1623k (oud) BW? Aan cassatiemiddel te stellen eisen; art. 407 lid 2 Rv.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JWB 2014/257
RvdW 2014/818
OR-Updates.nl 2014-0269
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

13 juni 2014

Eerste Kamer

nr. 11/01104

LZ/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: aanvankelijk mr. P. Garretsen, thans mr. M. de Boorder,

t e g e n

1. [verweerder 1],

2. [verweerster 2],
beiden wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder] c.s.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 403342/CV EXPL 08-13455 van de kantonrechter te Haarlem van 8 april 2009;

b. het arrest in de zaak 200.045.095/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 12 oktober 2010.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen [verweerder] c.s. is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 24 april 2014 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 13 juni 2014.