Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2013:BZ1063

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12-04-2013
Datum publicatie
12-04-2013
Zaaknummer
12/01097
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:BZ1063
In cassatie op : ECLI:NL:GHARN:2009:BK0332, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Vrijwaringsprocedure. Burenrecht. Misbruik van recht bij plaatsing erfafscheiding? Art. 3:13 BW.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2013/562
JWB 2013/219

Uitspraak

12 april 2013

Eerste Kamer

12/01097

RM/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [Eiser 1],

2. [Eiseres 2],

beiden wonende te [woonplaats], België,

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. K. Aantjes,

t e g e n

1. [Verweerder 1],

2. [Verweerster 2],

beiden wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. R.F. Thunnissen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder] c.s.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 83427 / HA ZA 07-111 van de rechtbank Zutphen van 21 maart 2007, 25 juli 2007 en 5 december 2007;

b. de arresten in de zaak 200.003.290 en 200.001.304 van het gerechtshof te Arnhem van 28 juli 2009, 13 juli 2010 en 22 november 2011.

De arresten van het hof van 13 juli 2010 en 22 november 2011 zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de arresten van het hof van 13 juli 2010 en 22 november 2011 hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 799,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 12 april 2013.