Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:HR:2013:BY0955

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18-01-2013
Datum publicatie
18-01-2013
Zaaknummer
11/02725
Formele relaties
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2013:BY0955
In cassatie op : ECLI:NL:GHSGR:2011:BP8104, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Cassatie
Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Geschil over gedeeltelijke demping van op naburige erven gelegen vijver. Burenrecht; art. 5:36, 39, 52, 59 BW. Uitleg erfdienstbaarheden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RvdW 2013/180
JWB 2013/43
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

18 januari 2013

Eerste Kamer

11/02725

TT/MD

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. D.Th.J. van der Klei,

t e g e n

1. [Verweerder 1],

2. [Verweerster 2],

beiden wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. P.J. de Groen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder] c.s.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 302904 / HA ZA 08-246 van de rechtbank 's-Gravenhage van 16 april 2008 en 2 december 2009;

b. het arrest in de zaak 200.052.692/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 22 februari 2011.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 RO.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 26 oktober 2012 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 365,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 18 januari 2013.